Bemiddelaar in de Werkwinkel

Werk aan de winkel.

Beste Monica,

Ik was een dag bemiddelaar in de Werkwinkel in Genk. Ja, ik ben op stage geweest. Want ik wil mee kunnen voelen, ervaren en doen wat mensen iedere dag in hun job doen. Ik wil het beleven en er dan iets mee doen. Ik ga telkens een dag meewerken in Genk, de stad waar ik zelf woon, werk en leef. Ik wil weten hoe zij werken, wat zij denken, waar zij van dromen. Maar ik wil vooral mee doen. En ik hoop oprecht dat dit mijn politiek werk verrijkt en versterkt.

Ik keek er al een hele tijd naar uit toen ik op dinsdag 26 juni eindelijk aan de slag kon in de Werkwinkel in Genk. Logisch, want qua werkloosheid heeft mijn stad een reputatie. Op 31 maart 2012 waren er in Genk 3290 niet werkende werkzoekenden. Dat zijn er 182 of bijna 6% meer dan vorig jaar. In heel Limburg bedroeg de toename maar 3,3% en in heel Vlaanderen zelfs maar 1,7%. De werkloosheidsgraad in Genk bedraagt nu 11,83%. Dat is anderhalve keer meer dan in Limburg. Van de 44 Limburgse gemeenten hebben Genk en Maasmechelen de hoogste werkloosheidsgraad. De jeugdwerkloosheid is ook al toegenomen met 14%. 791 jongeren onder de 25 jaar zijn nu werkzoekend. 1 op de 4 werkzoekenden is jonger dan 25 jaar. Omdat uitzendkrachten nu pas uit de statistieken verdwijnen als ze de afgelopen maand 10 dagen gewerkt hebben en dat vroeger al na 1 dag gebeurde, is de werkloosheid bij jonge mannen met 32% toegenomen. Heel veel Genkse jongeren werken via een interim-kantoor, vaak met dagcontracten. 60% van de werkzoekenden in Genk is laaggeschoold.

Maar genoeg cijfers. Je krijgt er alleen maar hoofdpijn van en je wordt er mismoedig van. Het hoeft je dus niet te verbazen dat op die van Antwerpen na, de Werkwinkel van Genk de grootste in Vlaanderen is. Er werken 35 mensen: trajectbegeleiders, vacaturespecialisten, een ervaringsdeskundige in de armoede, onthaalmedewerkers en specialisten voor werkzoekenden met een arbeidshandicap. In het VDAB competentiecentrum werken ook nog heel wat begeleiders. Er staan 10 pc’s waar de werkzoekenden zichzelf kunnen inschrijven, hun dossier kunnen aanvullen en bijhouden. De pc’s worden druk bezocht, ook al kan dat net zo goed thuis via de website met je persoonlijke login. Maar sociaal contact is misschien ook iets waar een werkzoekende naar op zoek is.

Lieve en haar collega’s spelen hier aan het onthaal een cruciale rol. Zij zijn voor de werkzoekenden het eerste contact met de Werkwinkel. Lieve heeft heel wat ervaring en probeert iedere werkzoekende zoveel mogelijk zelfstandig aan het werk te zetten. Dat komt continu terug: mensen klaarmaken om zelfstandig aan het werk te geraken. Hoe moeilijk dit voor velen ook is. Daarom worden ze hier al geholpen met de papieren rompslomp en natuurlijk ook om werk te vinden.

Wie zich inschrijft als werkzoekende wordt al binnen enkele weken uitgenodigd voor een infomoment in groep en daarna een gesprek met een consulent. Heel wat mensen hebben tegen die tijd al werk gevonden. Voor wie nog niet werkt start dan een persoonlijk traject. Daarvoor zijn er in Genk 13 trajectbegeleiders. De groepsinfosessies gaan meestal door op maandag, maar als er veel inschrijvingen zijn ook op dinsdag. En zo kon ik met Andrée Smets, een ervaren begeleidster, zo’n infomoment bijwonen. Er waren 80 mensen uitgenodigd, maar er daagden er slechts 26 op. “De mensen worden per e-mail uitgenodigd,” zegt Andrée. “Dat is al een hindernis. Niet iedereen checkt regelmatig zijn e-mails. Dat moeten ze toch leren als ze werk willen vinden. Maar we spelen kort op de bal. Wie niet komt opdagen wordt gebeld en aangemaand om de volgende keer wel te komen. Je hebt altijd mensen die niet bereikt willen worden en zelfs van gsm-nummer veranderen. Als ze echt niet komen opdagen, verwittigen we de RVA en kunnen ze geschorst worden. Maar gelukkig zijn er ook niet-problematische werkzoekenden die blij zijn met de begeleiding en waarbij we ook resultaat halen.”

Ja, het valt mij ook op. Sommigen in de groep hangen er totaal apathisch bij. Languit op hun stoel, op hun gsm tokkelend. Hoe gaan die ooit door een sollicitatiegesprek geraken, denk ik dan.

Anderen zijn wel heel gretig om de info te krijgen. En die info is voor de meesten echt wel belangrijk. Wat voor ons soms zo evident lijkt, is het niet voor veel anderen. Zo moet je regelmatig je e-mails checken want daar komen de meeste jobaanbiedingen binnen. Ook je sms’jes raadplegen. Opletten welk beroep je invult. “Bouw” is bijvoorbeeld geen beroep. “Metser” wel. Andrée benadrukt het: “Als je werkzoekend bent, ben je full time werkzoekend.” Aan werk zoeken heb je een full time bezigheid: vacatures opsnorren, begeleiding volgen, beroepsopleidingen kiezen, advertenties en websites napluizen tot spontaan in een winkel solliciteren. Bij de VDAB gaat het om je job, bij de RVA om je dop.

De infosessie zit erop en ik trek naar Demet, een vacaturespecialist waar ik een eerste gesprek met twee werkzoekenden kan meemaken. Een Nederlandse vrouw kan zij onmiddellijk doorverwijzen naar Tempo Team. Met een jonge vrouw van Turkse origine verloopt het moeizamer. Zij spreekt slecht Nederlands en Demet, nochtans ook met Turkse wortels, weigert consequent Turks te praten. Kennis van de taal is echt een eerste vereiste om een baan te vinden.

Frans, een bemiddelaar met 23 jaar ervaring, heeft heel wat interessante weetjes te vertellen. De mensen komen vanuit heel Limburg naar de Werkwinkel in Genk omdat ze dit het vriendelijkste kantoor vinden. Maar het is natuurlijk niet de taak van een Werkwinkel om alleen maar vriendelijk te zijn. Hun doel is gewoon zoveel mogelijk mensen aan de slag krijgen. Vaak wordt dan de vergelijking met Nederland gemaakt, waar de Werkwinkels veel meer output hebben dan in Vlaanderen. “Maar in Nederland werkt een trajectbegeleider met slechts 50 cliënten,” zegt Frans. “Wij moeten er in Vlaanderen tussen de 150 en 200 begeleiden.”

Volgens Frans mankeert het in Genk vooral aan discipline en attitude. “We hebben veel moeilijke gevallen,” zegt hij. “Vroeger was je beschaamd als je geen werk had. Nu ben je haast gek als je wel werkt. Die attitude heeft ook veel te maken met de school waaruit veel van die gasten komen. Ik weet soms alleen al door de school waar ze gezeten hebben of het iets wordt met ze of niet.” Misschien hechten we daar wel te weinig belang aan. We leren onze kinderen vanalles op school, behalve hoe ze later in de maatschappij moeten functioneren. We zullen ze echt moeten leren om voor zichzelf op te komen. Om hindernissen te overwinnen. In de Werkwinkel kunnen ze je begeleiden, maar als puntje bij paaltje komt, zul je het toch zelf moeten doen. Zelf een job zoeken. Zelf op tijd komen. Zelf met bevelen leren omgaan. “Je mag fouten maken,” aldus Frans, “maar je moet wel uit je fouten leren.”

Monica, ik weet dat jij niet bevoegd bent over de VDAB. Dat is Philip Muyters in de Vlaamse regering. Maar ik weet wel dat we dezelfde mening delen: emancipatie ontstaat door werk. Door te werken heb je een inkomen, waarmee je een woning kunt huren en je leven kunt organiseren. De oplossing voor heel veel problemen, zeker in Genk, ligt in jobs voor zoveel mogelijk mensen. Dan moeten die jobs er natuurlijk zijn en moeten we de mensen naar de jobs loodsen die er zijn. Dat is een helse taak. Maar daar moeten we nog meer op inzetten. Al van op de schoolbanken moeten we onze jongeren klaarstomen om zich in die jungle recht te houden. Als ze van school komen moeten we ze intensief begeleiden en echt achter de veren zitten om een job te vinden. Of ze zijn aan het werk, of ze volgen een opleiding. Lanterfanten hoort er niet bij. Want hoe langer werkloos, hoe minder kans ze maken om ooit nog een goede job te vinden. Jouw plan om 10.000 jongeren aan een stageplaats te helpen, waarmee ze ervaring kunnen opdoen, is dan ook fantastisch. In Genk zouden we dat goed kunnen gebruiken. Maar ook de al wat ouderen moeten we klaarstomen voor een heel andere arbeidsmarkt. Een job voor het leven bestaat niet meer. We zullen onze vaardigheden continu moeten aanpassen. Emancipatie betekent voor mij dat we de mensen sterker maken. Want sterke mensen, met de juiste vaardigheden en de juiste attitude, staan ook sterker op de arbeidsmarkt. Zo’n mensen kunnen eisen stellen aan hun werkgevers en zullen zo minder ten prooi vallen aan de willekeur en de dagcontracten van de interim-kantoren.

En Monica, we moeten ook niet te beroerd zijn om te durven investeren in de begeleiding van werkzoekenden. Want die investering verdien je onmiddellijk terug. Ik heb zelf kunnen zien hoe de mensen van de Werkwinkel in Genk zich uit de naad werken om al die mensen aan de slag te krijgen. We hebben nog meer van die trajectbegeleiders nodig want met iedere man of vrouw die zij aan het werk krijgen betalen zij hun eigen loon meteen terug. En weet je wat we zeker niet mogen doen? Ons hoofd in de grond steken. Ook steden, gemeenten en OCMW’s hebben een belangrijke rol te spelen in het bestrijden van de werkloosheid. Zij mogen daar echt wat actiever in worden. Werkloosheid is geen hangmat, Monica. Het moet een springplank worden naar een betere toekomst.

Galerij | Dit bericht werd geplaatst in Doe mee. Bookmark de permalink .

Een reactie op Bemiddelaar in de Werkwinkel

  1. Wilfried Lagaeysse zegt:

    Met een 38 jarige beroepsloopbaan achter de rug, heb ik enkele jaren geleden als werkzoekende 55+ ook een opleidingstraject gevolgd in Genk als winkelverantwoordelijke. Volledige opleiding en stage doorlopen en geslaagd. Diploma, of hoe het ook heet, behaald. Resulaat: 0

    Alhoewel ik momenteel van mijn pensioen kan genieten, heb ik destijds ook het volledige VDAB begeleidingsparcours doorlopen voor 50+.
    Ik heb het meegemaakt, nog niet eens zo lang geleden, toen ik als (gemotiveerde en ervaringsrijke ) werkzoekende 55+ solliciteerde voor een job(ke) ver beneden de vorige, men me wandelen stuurde met smoesjes zoals “niet meer beantwoorden aan onze visie voor de toekomst”. Of ook nog “overgekwalificeerd” of ” u bent een goede kandidaat, en we houden u op de hoogte”. Met de activa D kaart, werd het loon werd nochtans sterk gesubsidieerd als één van de vele stimuleringsmaatregelen van de overheid. En toch lukte het niet.
    Misschien moet u ook eens stage lopen bij de bedrijven en ervaren hoe zij (oudere) VDAB werklozen aanpakken. U zal misschien hun, inderdaad soms, nonchalante houding, ook begrijpen.
    En misschien heeft u nog niet de ouderdom waarop bedrijven tegen u (off the record) laten aanvoelen dat u eigenlijk maar beter thuis kan thuisblijven?
    Die dag komt nog wel.
    Hoeveel 50 of 55+ kent u persoonlijk die werk gevonden hebben,zelfs na intensieve opleiding of heroriëntering?
    Om maar te zeggen, beste Joke, dat niet alles is wat het lijkt.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s