Operatie toekomst na Ford Genk.

fotoVanmiddag, 18 december 2014, zal in heel Genk en een groot deel van Limburg de luidste post weerklinken. Sirenes zullen loeien, Genkenaren en Limburgers zullen kabaal maken op alle mogelijke manieren om hun woede, misschien hun frustratie maar ik hoop vooral hun veerkracht en hoop op een andere, betere toekomst te laten weerklinken. Want met het einde van Ford breekt hopelijk ook een nieuw, beter tijdperk aan voor Genk. Een tijdperk, waaruit we lessen trekken uit het verleden en onze troeven uitspelen voor de toekomst.

Honderd jaar geleden brak in Genk de industrialisering van Limburg aan met de eerste klomp steenkool die uit de ondergrond van Winterslag werd gedolven. Tien jaar later telde Limburg 7 mijnen, waarvan 3 in Genk. Op hun hoogtepunt werkten er 20.000 mijnwerkers alleen al in de Genkse mijnen van Winterslag, Waterschei en Zwartberg. De vraag naar mijnwerkers was zo groot dat we ze importeerden vanuit heel Europa en zelfs daarbuiten, waardoor we de meest diverse stad van Vlaanderen werden. Maar toen al voelden we dat de mijnindustrie stilaan tot het verleden behoorde. In 1964 kwam Ford. Een tweede industrialiseringsgolf begon. In 1993, de mijnen waren pas dicht, werkten er 14.000 mensen bij Ford. Genk werd de derde industriestad van Vlaanderen.

En nu? De mijnen zijn dicht. Ford is dicht. De terrils en schachten staan er nog. Het industrieterrein van Ford ook. En de Genkenaren? Het blijven zonen en dochters van mijnwerkers en Fordarbeiders. Dat neem je nooit weg. Zij worden zelfs de toekomst van Genk.

Lessen trekken.

Als er één les is die we uit heel dit debacle kunnen trekken, dan is het wel dat we ons lot nooit meer uitsluitend in handen van één grote multinational mogen leggen. Want met één pennentrek kunnen die ijskoude managers dan beslissen dat het gedaan is. Zonder verpinken stellen zij het kortetermijndenken en winstmaximalisatie voorop. Zij hebben geen enkele voeling met de lokale realiteit. Zij zullen steeds op zoek gaan naar plekken waar ze nog meer winst kunnen maken en hun kwartaalcijfers kunnen verbeteren om anonieme aandeelhouders tevreden te stellen. En gedane beloften zijn dan van geen tel.

Nee, een lokaal verankerde industrie met dynamische ondernemers die vernieuwende industriële initiatieven nemen, daar ligt onze toekomst. Als we de subsidies en andere voordelen die we de afgelopen 25 jaar aan Ford hebben geschonken in zulke lokale innovatieve ondernemingen hadden gestoken, dan zouden we nu een voorsprong hebben op heel veel regio’s in Europa. Kijk maar wat er in Eindhoven is gebeurd. Daar hebben ze na de drastische afslanking van Philips tienduizenden nieuwe jobs gecreëerd in toekomstgerichte ondernemingen. Dat is de richting die we moeten durven uitgaan met C-Mine, Thorpark, Greenville en Energyville.

Daarnaast moeten we ook durven investeren in nieuwe bedrijfsvormen. Na de aankondiging van de sluiting van Ford Genk kwamen op C-Mine honderden Limburgers samen voor een mega brainstorm over de toekomst van Limburg. Hieruit groeide Limburg Stand Up, een groep mensen die Limburgers wil aanzetten om op een andere manier te ondernemen. Coöperatieven, duurzaam ondernemen, nieuwe noden op een andere manier lenigen. Mensen, die niet alleen ondernemen om zo snel mogelijk rijk te worden en dure bedrijfswagens aan te schaffen, maar om het verschil te maken in de wereld. Iedereen kan ondernemen, mits de juiste begeleiding maar ook mits een andere manier om naar ondernemen te kijken. Limburg loopt vol met ondernemende vrouwen, ondernemers met een andere origine, jonge ondernemers met nieuwe ideeën, die nu amper vertegenwoordigd worden door de traditionele instanties die nog steeds niet doorhebben dat het verleden voorbij is. Want dat we anders moeten ondernemen staat nu, zeker na de bankencrisis, toch wel vast.

Troeven uitspelen.

In Genk en in Limburg hebben we zeker tal van troeven die we kunnen uitspelen. En die troeven gaan echt wel veel verder dan alleen maar onze ligging, onze jonge bevolking of ons zo geroemde Limburg gevoel. Maar dan moeten we die troeven eerst onderkennen en volop durven uitspelen.

Genk heeft een industriële traditie. Genkenaren weten wat het is om in de industrie te werken. Om in posten te werken, om maar iets te noemen. Wij weten wat bandwerk is, maar ook hoe een maakindustrie perfect georganiseerd kan worden. Wij hebben de beste ingenieurs en hoogopgeleide arbeiders. Techniek zit in ons DNA. Daarom hebben we ook een industriële toekomst. Maar dan wel in een lokaal verankerde creatieve maakindustrie. De producten moeten hier niet enkel geassembleerd worden zoals bij Ford, maar ook bedacht en ontwikkeld worden. Die creativiteit moet gestimuleerd worden en volop kansen krijgen. Dat is de uitdaging van C-Mine en het Thorpark.

Het wordt ook tijd dat we onze diversiteit als een kans zien en volop uitspelen. Nergens vind je zoveel jongeren die behalve Nederlands, Frans, Engels of Duits ook nog eens Italiaans, Spaans, Grieks, Turks of Arabisch spreken. Nergens vind je een bevolking die over zoveel interculturele vaardigheden beschikt als in Genk en de andere mijngemeenten. Dat is een ongelooflijke troef die we in een geglobaliseerde wereld nog meer moeten uitspelen.

Onze jongeren hebben het potentieel om het te maken. Nu moeten we ze ook nog de kansen geven. Hen stimuleren om te blijven studeren, zich te herscholen en zo hun kansen op de arbeidsmarkt te vergroten. Met de T2-campus in Waterschei zullen we hen alvast de omgeving bieden om hun wetenschappelijke en technische vaardigheden aan te scherpen. Genk heeft 4 extra jobcoaches en een jobmakelaar aangesteld om onze ongeschoolde jongeren nog beter te begeleiden op de arbeidsmarkt en hun talenten te ontwikkelen.

Genk, dat is kosmopolitisme in het bronsgroen eikenhout. Wij zijn de derde industriestad van Vlaanderen, maar wij zijn ook één van de groenste steden in Vlaanderen. Onze groene ruimte is een troef die we nog meer moeten ontwikkelen als een economie die duizenden jobs kan opleveren. Ons stedelijk karakter in een groene omgeving is gewoon uniek in heel Europa. We moeten van Genk dan ook een aantrekkelijke plek maken om te wonen en te werken. Om te ondernemen en initiatief te nemen. Genk moet nog meer een stad worden waar het gebeurt, waar het vibreert, waar de lamp brandt. Waar hoogopgeleide jongeren niet gaan lopen maar juist willen komen wonen. We hebben onze prachtige tuinwijken. We hebben een dynamische muziekscene. We hebben onze veelkleurige diversiteit. We hebben onze prachtige natuur. We hebben de Vennestraat en C-Mine. Maak daar een sterk merk van. Een stad waar we het kunnen maken.

Vanmiddag maken we dus allemaal kabaal. We maken kabaal om ons protest tegen een ijskoude multinational te laten horen. Maar we maken ook kabaal om aan te tonen dat we ons niet laten doen en keihard aan onze toekomst zullen werken. Want die toekomst hebben we. Het is maar een kwestie van er samen aan te werken, onze kansen volop te benutten en verder te kijken dan onze neus lang is. Vanaf vandaag.

Galerij | Dit bericht werd geplaatst in Genk. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s