“Verandering van Tijdperk” in Genk

IMG_0741Er is beslist geen betere plek in heel Limburg om kennis te maken met wat transitie eigenlijk is dan C-mine in Genk. Want kan deze site meer symbool staan voor de verandering van een tijdperk die Genk momenteel doormaakt? Kan er een betere plek zijn om een transitiedeskundige zoals Jan Rotmans te ontvangen. Het C-Mine cultuurcentrum wil hier immers boeiende gespreksavonden organiseren waar sprekers jullie komen informeren maar vooral toch ook inspireren. Ik twijfel er geen moment aan dat dit vanavond het geval zal zijn, want zo meteen mag ik hier professor Jan Rotmans aankondigen. En ik zal het maar ineens toegeven: ik ben een fan.

Drie jaar geleden vroeg het tijdschrift “Samenleving en Politiek” mij om een column te schrijven naar aanleiding van de sluiting van Ford. Ik had net het boek gelezen van Jan Rotmans: “In het oog van de orkaan”. Daarin schrijft hij dat grote transities soms ongemerkt op ons afkomen, alsof we in het oog van een orkaan zitten. In dat oog van de orkaan is het immers windstil, kalm en rustig. Maar als je 100 meter opschuift kom je in een enorme storm terecht, waar je nog amper overeind blijft. De sluiting van Ford had ons toen in die genadeloze stormkracht gekatapulteerd. Van de ene op de andere dag. Alles zou anders zijn in Genk en het was ook snel duidelijk dat we andere methodes en andere denkbeelden nodig hadden om hier uit te geraken. Voor mij was het toen al snel helder dat we dan maar beter konden luisteren naar iemand zoals Jan Rotmans, hoogleraar in de transitiekunde aan de Erasmusuniversiteit van Rotterdam, internationale autoriteit op het vlak van transities en duurzaamheid, oprichter van DRIFT en Nederland Kantelt, maar vooral zoals hij zelf zegt: een friskijker en een dwarsdenker. Een man naar mijn hart dus.

Volgens Jan Rotmans leven we momenteel niet in een tijdperk van verandering maar in een verandering van tijdperk. Een subtiel verschil dat kan tellen. Een verandering van tijdperk betekent immers dat er zoveel veranderingen tegelijk op ons afkomen dat we echt een ander tijdperk betreden. Straks zal hij dat ongetwijfeld allemaal haarfijn uitleggen maar wat ik vooral onthoud is dat heel wat maatschappelijke sectoren hun houdbaarheidsdatum hebben overschreden omdat ze de mens niet langer centraal stellen. Daarom gaan die mensen zelf alternatieven ontwikkelen en uitvoeren. Samen vormen ze een beweging van onderuit. En dat is nu toch wel net de reden waarom ik in onze stad absoluut schepen van participatie wou worden. De kracht van de Genkenaren inzetten om onze stad te verbeteren. Samen stad maken. Begeesteren in plaats van beheersen. Vanzelf gaat dat niet. En een handleiding bestaat niet.

Volgens Jan Rotmans leven we dus in een verandering van tijdperk. Ik ben het daarmee eens, want soms lijkt het haast alsof zijn boeken gewoon over Genk gaan. Honderd jaar geleden waren wij nog een onooglijk dorp met amper 2500 inwoners, afgezonderd van de rest van de wereld. Tot plots 3 mijnen op onze schrale Kempische bodem verrezen en ons in de geïndustrialiseerde wereld wierpen. Vanuit heel België en later heel Europa kwamen mijnwerkers hier het zwarte goud delven. In een mum van tijd groeiden we uit tot de derde industriestad van Vlaanderen met 65.000 inwoners en werden we de meest diverse stad van Vlaanderen. Ford kwam. De mijnen sloten. Ford ging dicht. En nu? Nu bouwen we aan een nieuwe stad, een nieuwe industrie en nieuwe welvaart. Daarom zeg ik het nog eens: deze lezing kon nergens anders plaatsvinden dan hier, in C-Mine, waar 30 jaar geleden nog steenkool werd opgegraven en we nu creativiteit en cultuur aanboren. Hier sloten we een oud tijdperk af en beginnen we voorzichtig aan een nieuw.

In Genk nemen we de bevindingen van Jan Rotmans dus zeer ernstig. In zijn nieuw boek besteedt hij vooral veel aandacht aan zorg, onderwijs en financiën en vindt hij de bijdrage van kunstenaars belangrijk. Dat is ook de weg die wij in Genk inslaan. Met het ZOL bouwen we in Kattevennen een nieuwe zorgcampus. Op het THOR-park, waar we duurzame energie ontwikkelen, komt de T2-campus, waar we onze jongeren op een vernieuwende manier opleiden voor de industrie van de toekomst. En in de oude directeursvilla van de mijn van Zwartberg bouwen we samen met kunstenaar Koen Vanmechelen aan La Biomista en proberen we van onze diversiteit een unieke kracht te maken.

Genk wordt in Europa gezien als “the small giant”, de kleine reus. En dat zijn we ook. Wij zijn een kleine stad. Wij zijn Londen, Parijs of Berlijn niet. Maar toch zijn we groot in onze uitdagingen en hoe we ze aanpakken. Klein is goed want het betekent dat wij de mentale en sociale ruimte hebben om te experimenteren. Vroeger ondergingen we transities. Nu kijken we ernaar als een instrument om een betere toekomst uit te bouwen. En dan moet je vooral niet kapot analyseren, maar moet je doen. Springen en doen. Experimenteren. Durven mislukken. Soms successen boeken. En dat doen we ook in Genk. En Europa ziet ons. We worden opgemerkt.

Nee, Genk is Parijs, Berlijn of Londen niet. Maar wij zijn ook Freiburg niet. Wij hebben die hoogopgeleide bevolking niet die bijna vanzelf duurzaam en ecologisch gaat leven. Genk is working class, gekleurd, laag opgeleid. Het is dus niet zo evident dat zichzelf organiserende burgers hier het voortouw nemen, zoals Jan Rotmans in zijn boeken schrijft. Hier voelen we nog heel fel de noodzaak dat het bestuur en de administratie ruimte geven aan initiatieven van onderuit, het stimuleert en er mee haar schouders onder zet. Stilaan begint dat te lukken en beginnen we er de eerste resultaten van te zien. Na de G360 burger brainstorm, operatie Mooie Plekjes, de herinrichting van het Schansbroekpark, de Andere Markt. De Genkenaren krijgen de ruimte om mee te bouwen aan hun stad. Samen stad maken. Begeesteren in plaats van beheersen.

Jan Rotmans onderscheidt drie soorten mensen die een belangrijke rol spelen in transities: verbinders, kantelaars en koplopers. In Genk proberen we al jarenlang te verbinden. Het hoeft je dus niet te verbazen dat wij in de stadsmonitor altijd de Vlaamse centrumstad zijn waar de inwoners het meest tevreden zijn over hun contacten met de buren. Daarom zetten wij ook zo sterk in op participatie. Wij doen dat vanuit een oprechte bezorgdheid maar nog meer vanuit een diep geloof in de kracht van de Genkenaren. Wij zien participatie zeker niet als een neoliberale methode om de mensen hun plan te laten trekken, zoals in Nederland, maar als een middel om het talent en de ijver van de Genkenaren in te zetten voor het algemeen belang. Nogmaals: samen stad maken. Begeesteren in plaats van beheersen. Daarom zetten wij nu zo fel in op onze stadsmakers die we willen verenigen in een stadsambassade.

Jan Rotmans heeft het in zijn boeken ook steevast over economie en ecologie. Alweer een thema waarover wij in Genk kunnen meepraten maar waar we ook voor grote uitdagingen staan. Als derde industriestad van Vlaanderen blijven wij nog steeds de groenste centrumstad van Vlaanderen. Maar die positie staat constant onder druk, zoals we nog maar pas hebben mogen ondervinden (met de uitbreidingsplannen van Essers). De vraag moet dan ook zijn: hoe zetten we onze unieke ecologische positie in voor de creatie van duurzame welvaart in onze stad?

Ja, ik ben blij dat Jan Rotmans ons wat meer inzicht kan bieden in deze belangrijke verandering van tijdperk voor Genk.

Galerij | Dit bericht werd geplaatst in Duurzame ontwikkeling, Genk, Participatie. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s